vloertaal.

Je werk goed afronden

Zo gaat het in Nederland, in gewoon Nederlands. Dit onderwerp heeft 2 korte lessen in Vloertaal Werkregels: een verhaal, de regel, en dan kies je zelf wat je doet.

Oefen dit in Vloertaal →

Een werkbon lezen en voorbereiden

Je leest een werkbon en je vraagt wat je niet snapt. Je legt je spullen klaar.

Eerst lezen, vragen en klaarleggen. Dan pas beginnen.

Op een werkbon staat wat je moet doen, waar, en met welk materiaal.

Lees hem helemaal, vóór je weggaat.

Snap je iets niet? Vraag het vóór je begint.

Leg je spullen klaar. Dan pas begin je.

Waar of niet waar?

Onthoud: Eerst lezen, vragen en klaarleggen. Dan pas beginnen.

Opruimen, laten controleren en afmelden

Je ruimt je werkplek op en je laat je werk nakijken. Je zegt wat klaar is en wat niet.

Klaar? Ruim op en laat het nakijken. Zeg wat klaar is en wat niet.

Ruim je werkplek op vóór je weggaat.

Controleren hoort bij goed werk.

Afmelden is: zeggen wat klaar is, en wat niet. Ook als het niet jouw schuld is.

Waar of niet waar?

Onthoud: Klaar? Ruim op en laat het nakijken. Zeg wat klaar is en wat niet.

Goed om te weten

Werkregels is nog een bètaversie. De uitleg is nog niet nagekeken door een expert. Zie je een fout? Mail naar hoi@vloertaal.nl. Vloertaal geeft algemene informatie. Het is geen juridisch advies. Regels kunnen veranderen. Bijgewerkt: oktober 2026. Gaat het om jouw situatie? Vraag je werkgever, een vakbond of het Juridisch Loket. Deze regels gelden in Nederland. In België zijn veel regels anders.

Andere onderwerpen

Alle werkregels

Oefen dit in Vloertaal →