Vakantie en verlof aanvragen in het Nederlands
Dit is het onderwerp ‘Verlof’ van Vloertaal, de gratis app om Nederlands te leren voor je werk. Het hoort bij het thema ‘Je baan’ en heeft drie korte lessen. Je luistert, tikt het goede antwoord aan, maakt zinnen en oefent korte gesprekjes, met uitleg in je eigen taal.
Oefen in Vloertaal →12 woorden die je leert
Met de vertaling uit de app, hier in het Pools, Roemeens, Oekraïens en Arabisch:
- de vakantiedagen: dni urlopu · zilele de concediu · дні відпустки · أيام العطلة
- het verlof: urlop · concediul · відпустка · الإجازة
- aanvragen: prosić o coś, składać wniosek · a cere, a solicita · просити, подавати заяву · يطلب، يقدّم طلباً
- de feestdag: święto · sărbătoarea legală · святковий день · العطلة الرسمية
- vrij: wolny (bez pracy) · liber (nu lucrezi) · вільний, не працюєш · في عطلة، لا يعمل
- het calamiteitenverlof: urlop w nagłej sytuacji · concediul pentru urgențe · відпустка в надзвичайній ситуації · إجازة الطوارئ
- zwanger: w ciąży · însărcinată · вагітна · حامل
- de kinderopvang: opieka nad dziećmi, żłobek · creșa, grădinița · догляд за дітьми, дитячий садок · رعاية الأطفال، الحضانة
- ophalen: odebrać (pójść po kogoś) · a lua (a merge să iei pe cineva) · забрати (піти по когось) · يُحضر (يذهب ليأخذ شخصاً)
- een ziek kind: chore dziecko · un copil bolnav · хвора дитина · طفل مريض
- het ouderschapsverlof: urlop rodzicielski · concediul pentru creșterea copilului · відпустка для батьків · إجازة الوالدين
- het zorgverlof: urlop opiekuńczy (wolne, żeby opiekować się chorym członkiem rodziny) · concediul de îngrijire (timp liber ca să îngrijești un membru bolnav al familiei) · відпустка для догляду (вільний час, щоб доглядати хворого члена родини) · إجازة الرعاية (وقت للعناية بفرد مريض من العائلة)
Zinnen die je oefent
- Ik wil verlof aanvragen.
- Ben ik vrij op de feestdag?
- Ik heb een noodgeval thuis.
- Mijn kind is ziek. Ik moet het ophalen.
- Mag ik calamiteitenverlof opnemen?
- Betaalt mijn werkgever mijn loon door?
Korte gesprekjes met collega’s
- Wanneer wil je op vakantie? — In juli, drie weken.
- Waarom moet je nu weg? — De kinderopvang belde. Mijn zoon heeft koorts.